Van penseel tot prompt: een nieuwe creatieve revolutie
Toen ik begon met fotografie, was alles handwerk. Je dacht na over compositie, zocht naar het juiste licht, en wachtte geduldig tot het moment daar was. Vandaag de dag kun je een tekst invoeren – een zogenaamde ‘prompt’ – en in enkele seconden een beeld genereren dat doet denken aan een klassieke schilderstijl, een sciencefictionfilm of een droomwereld.
Voor veel mensen, ook voor mij, is dat een vorm van magie. AI-beeldgeneratie via tools als MidJourney, DALL·E en Firefly biedt ongekende mogelijkheden. Het maakt creativiteit toegankelijker voor een breed publiek. Je hoeft geen verfkwast vast te kunnen houden of een camera te bedienen – ideeën en verbeelding zijn voldoende.
Dat opent deuren, zeker voor wie zichzelf nooit als ‘kunstenaar’ zag. Maar het roept ook vragen op. Wat doet dit met het werk van bestaande makers? Hoe eerlijk is deze technologie eigenlijk? En wie profiteert ervan?
Makerschap in transitie
Wat is een maker anno 2025? Is dat nog iemand die met zijn handen iets creëert, of ook iemand die met tekstcommando’s beelden oproept uit een algoritme?
AI heeft de definitie van makerschap opgerekt. Je hoeft geen schilder of fotograaf te zijn om een indrukwekkend beeld te maken. Maar dat betekent ook dat jarenlange vakkennis en technische kunde niet meer automatisch tot een onderscheidende positie leiden. Promptvaardigheid wint terrein.
Dat is enerzijds bevrijdend – iedereen kan meedoen. Anderzijds zorgt het voor verwarring en frustratie. Makers die jarenlang geïnvesteerd hebben in hun stijl, opleiding en praktijkervaring, zien plots hun werk vervangen of ondergesneeuwd door AI-gegenereerde beelden die sneller en goedkoper zijn.
We zitten in een tussenfase waarin oude en nieuwe definities van creativiteit naast elkaar bestaan. En waarin het gesprek daarover nog maar net op gang komt.
Wie is de echte kunstenaar?
Een cruciale vraag is: wie is verantwoordelijk voor een AI-beeld? Jij als promptmaker? De AI-tool? Of de talloze makers wiens werk gebruikt is om de AI te trainen?
Neem bijvoorbeeld het genereren van een afbeelding “in de stijl van Van Gogh”. Veel mensen doen dat. Maar wat betekent het om een overleden kunstenaar als inspiratiebron te gebruiken in een systeem dat zijn stijl heeft ‘geleerd’ op basis van talloze reproducties?
Zelf gebruik ik die benadering bewust niet. Mijn prompts zijn gebaseerd op mijn eigen inzichten, mijn belevingswereld en mijn ervaring als beeldmaker. Ik geef de AI richting, maar zonder direct te verwijzen naar bestaande stijlen of kunstenaars. Voor mij voelt dat eerlijker – en creatiever.
Toch zie ik dagelijks AI-beelden die sterk leunen op het werk van levende kunstenaars. Soms zonder dat die kunstenaars daar iets van weten. Laat staan dat ze ervoor betaald worden.
![]() | ![]() | ![]() |
Het onopgeloste dilemma van AI-training
AI-systemen worden getraind op enorme hoeveelheden data: foto’s, schilderijen, tekeningen, illustraties, strips, modecatalogi. Vaak worden die data van het internet geplukt, inclusief werk van professionele kunstenaars, zonder hun toestemming.
De grote vraag: mag dat zomaar?
Veel AI-bedrijven beroepen zich op het principe van fair use, vooral in de VS. Ze zeggen dat het gebruik van beeldmateriaal voor trainingsdoeleinden valt onder “transformatief gebruik” – en dus niet inbreuk maakt op auteursrechten.
Maar daar zijn veel kunstenaars het niet mee eens. Zij zien hun werk letterlijk terug in de output van AI-tools – en krijgen daar niets voor. Geen vergoeding, geen erkenning, geen controle.
Een groeiend aantal rechtszaken probeert hier duidelijkheid in te brengen. Een bekende zaak is die van Getty Images tegen Stability AI, waarin Getty stelt dat miljoenen foto’s zonder toestemming zijn gebruikt om het Stable Diffusion-model te trainen. Ook in Europa en Canada komen vergelijkbare claims op gang.
Tot nu toe is er geen wereldwijde standaard. In de EU wordt gewerkt aan de AI Act, die o.a. transparantie-eisen stelt aan training data. Maar veel is nog vaag. En het tempo van regelgeving blijft ver achter bij de snelheid van de technologische ontwikkeling.
De juridische status: een update
In 2024 zijn wereldwijd meerdere initiatieven gestart om AI-beeldgeneratie juridisch te kaderen. Enkele belangrijke ontwikkelingen:
- VS: De Amerikaanse Copyright Office stelde in maart 2024 dat AI-gegenereerde beelden op zichzelf niet auteursrechtelijk beschermd kunnen worden, tenzij er voldoende menselijke creatieve inbreng is.
- EU: De Europese AI Act eist van aanbieders van foundation models dat ze transparant zijn over hun trainingsdata, inclusief of er auteursrechtelijk beschermd werk is gebruikt.
- Nederland: Het Instituut voor Informatierecht (IViR) werkt aan richtlijnen voor het gebruik van auteursrechtelijk werk in AI-contexten, maar benadrukt dat rechters uiteindelijk per geval moeten oordelen.
Wat ontbreekt, is een praktisch systeem waarin makers vooraf toestemming kunnen geven (of weigeren) voor gebruik van hun werk. Er zijn wel initiatieven, zoals het ‘Do Not Train’-meta label, maar die zijn nog niet breed omarmd door techbedrijven.
Kortom: we bevinden ons in een juridische grijze zone. En dat is precies waar het ethische ongemak ontstaat.

De druk op jonge makers
Voor jonge kunstenaars, fotografen en ontwerpers is het een ingewikkelde tijd. Ze groeien op in een wereld waar AI geen toekomstbeeld meer is, maar een dagelijks gereedschap. Tegelijk moeten ze concurreren met mensen die met een paar slimme prompts indrukwekkende beelden produceren – zonder opleiding of achtergrond.
Wat zegt dat over de waarde van creativiteit? Wat blijft er over van ambacht als snelheid en volume belangrijker worden dan proces en intentie?
Het antwoord ligt misschien in hybride meesterschap: makers die AI omarmen, maar ook hun eigen visie blijven ontwikkelen. Niet klakkeloos AI gebruiken, maar bewust. Niet als vervanging, maar als verlengstuk.
De kunstenaars van morgen zijn volgens mij niet de snelste promptschrijvers, maar de mensen die techniek en visie kunnen verbinden – met gevoel voor context, inhoud en ethiek.
Kan het eerlijker? Ideeën voor een ander AI-model
Er zijn al langer ideeën om AI-training eerlijker te maken. Denk aan:
- Opt-in databases: platforms waar makers expliciet toestemming geven voor gebruik van hun werk.
- Stijlrechten: juridische bescherming van een unieke artistieke stijl, vergelijkbaar met een handtekening.
- Prompt royalties: een systeem waarbij beeldmakers betaald krijgen op basis van het aantal gegenereerde beelden in hun stijl.
- Transparante herkomst: een ‘AI-label’ op gegenereerde beelden waarin staat op basis van welke stijlen of kunstenaars het is gegenereerd.
Die ideeën klinken goed, maar botsen met de commerciële belangen van techbedrijven. Transparantie en toestemming staan vaak haaks op schaalbaarheid en winst.
Toch geloof ik dat we als samenleving kunnen kiezen voor een ethisch kompas. Dat we eisen kunnen stellen aan hoe deze technologie zich ontwikkelt. Maar dat lukt alleen als er bewustwording ontstaat – bij gebruikers, beleidsmakers en vooral bij de platforms zelf.
Wat wij zelf kunnen doen
Als individuele makers of gebruikers kunnen we zelf ook het verschil maken. Een paar praktische keuzes:
- Gebruik AI als tool, niet als shortcut. Laat het aansluiten bij je eigen visie.
- Verwijs niet naar bestaande kunstenaars of specifieke stijlen zonder toestemming.
- Onderzoek welke tools transparant zijn over hun trainingsdata.
- Wees open over de inzet van AI in je werk. Dat versterkt je geloofwaardigheid.
- Zoek de dialoog op met andere makers. Deel je zorgen, je tips, je ervaringen.
Technologie verandert. Dat is onvermijdelijk. Maar hoe we ermee omgaan, is wél een keuze.
Mijn eigen ervaring: AI als creatieve sparringpartner
Sinds ik met MidJourney werk, ben ik creatiever dan ooit. Niet omdat het werk voor me doet, maar omdat het me uitnodigt om anders te kijken, sneller te experimenteren en nieuwe visuele paden te verkennen. Het is alsof ik een extra schetsboek heb, dat nooit vol raakt.
Wat ik daarbij belangrijk vind: ik geef altijd mijn inzichten mee in de prompt. Ik werk niet met stijlverwijzingen naar Van Gogh of andere bekende kunstenaars. Ik probeer iets op te roepen wat voortkomt uit mijn eigen beleving, mijn achtergrond als beeldmaker, en mijn gevoel voor compositie.
Soms lijkt het eindresultaat op een illustratie. Soms op een abstracte poster. Soms op iets wat ik nooit zelf had kunnen verzinnen. Maar altijd is het een wisselwerking tussen mijn ideeën en de rekenkracht van het systeem.
Ik zie AI niet als bedreiging, maar als partner. Wel als een partner die ik kritisch volg.
![]() | ![]() |
Tot slot: het gesprek dat we nu moeten voeren
AI verandert het creatieve landschap fundamenteel. Niet morgen, maar nu. Voor makers, opdrachtgevers, uitgevers en platforms is dit het moment om na te denken over de lange termijn.
Willen we een toekomst waarin beeldproductie wordt overgenomen door anonieme systemen, gevoed met werk van onbetaalde kunstenaars? Of willen we een toekomst waarin AI bijdraagt aan menselijke creativiteit, maar mét respect voor makerschap, vakmanschap en eigenaarschap?
Dat is geen simpele vraag. Maar wel een noodzakelijke.
Het ethische dilemma rond AI-beeldgeneratie is nog niet opgelost. Maar dat betekent niet dat we moeten zwijgen. Integendeel. We moeten het gesprek voeren – open, eerlijk en met oog voor de vele lagen die deze technologie in zich draagt.
Over mijzelf
Ik ben Ton Haex – beeldmaker, schrijver en AI-liefhebber. Ik werk met fotografie, video en AI-tools zoals MidJourney om verhalen te vertellen in beeld. Op mijn website tonhaex.nl, LinkedIn en Pixelfed deel ik mijn ervaringen en inzichten over technologie, creativiteit en ouder worden in een razendsnel veranderende wereld.
Alle getoonde beelden zijn door mij met behulp van ChatCPT en Midjourney gegenereerd. Ik ben ongetwijfeld in mijn leven door anderen geïnspireerd en daardoor gekomen tot de vorming van de gebruikte prompts en deze beelden als resultaat.






